Marcel IJsselstijn, die onlangs promoveerde met zijn Atlas van de middeleeuwse stad, onderzoekt hoe het landschap en de omstandigheden de ruimtelijke indeling van Nederlandse steden hebben gevormd. Hij stelt dat middeleeuwse steden zoals ’s-Hertogenbosch, Utrecht en Amsterdam niet ontstaan zijn uit één enkel proces, maar uit de dynamische interactie tussen actoren, functies, de aangetroffen situatie en de omstandigheden. IJsselstijn analyseert hoe historische kaarten, zoals die van Jacob van Deventer, inzichten bieden in de blijvende invloed van middeleeuwse structuren op hedendaagse stadsindelingen. Zijn onderzoek legt bloot hoe essentiële functies zoals markten en handel, gecombineerd met lokale initiatieven en beleid, leidden tot unieke stadsontwikkelingen en overlevingsstrategieën, zoals de overkluizingen in ’s-Hertogenbosch en de werfkelders in Utrecht.