Uitvoerders geven aanslag Rotterdam toe, maar wisten niet dat het een synagoge was 09.06.2026

Zes verdachten stonden dinsdag voor de rechtbank wegens hun vermeende betrokkenheid bij een bomaanslag op een synagoge in Rotterdam in maart, en de voorbereiding van een tweede explosie bij een andere synagoge. Het Openbaar Ministerie (OM) stelt dat de tweede aanslag kon worden voorkomen doordat vier verdachten opvallend gedrag vertoonden, waarna de politie hen aanhield. De uitvoerders erkennen betrokkenheid bij de explosie, maar beweren niet te hebben geweten dat het om een synagoge ging. Het OM betwist dit, wijzend op de bezoeken van een verdachte aan het adres, de gedeelde beelden online en de zichtbare kenmerken van de synagoge, en beschouwt de aanslag daarom als terroristisch. Advocaten stellen dat hun cliënten onwetende jongeren waren en dat een tweede aanslag niet werd voorkomen, maar dat de verdachten uit angst de politie ontvluchtten. Twee andere verdachten hadden een coördinerende rol en beloofden geld. De aanslag is geclaimd door Harakat Ashab Al Yamin Al Islamiya, die gelinkt wordt aan een door de FBI aangehouden Irakees die mogelijk opdracht gaf tot aanslagen in Europa.














